Blog

Regelmatig geven onze trainees je een kijkje in hun wereld.
Ze nemen je mee in hun dagelijks werk.

Trainees 2019 – 2021

BLOG’s


Tijd voor bezinning

Marieke Legtenberg                                                             

Halverwege januari zijn we over de helft van de eerste opdracht. Tijd voor reflectie!
‘Hoe gaat het? Is het traineeship een goede keuze geweest? Voel je je thuis bij de gemeente van de eerste opdracht? Waar wil je nog in ontwikkelen? Is de opdracht leuk? Wat wil je als volgende opdracht doen? Wat is positief bij de gemeente en wat juist niet? Wil je überhaupt wel bij een gemeente werken?’
Allemaal vragen die door menig traineehoofd zijn gegaan. De kerstvakantie was dan ook een goed moment om bij te komen, over al deze vragen na te denken en met antwoorden het nieuwe jaar te beginnen.

Ook ik heb de kerstvakantie gebruikt om na te denken over de bovenstaande vragen. Hoe sta ik hier zelf in? Aan het begin van het traineeship moesten we een voorstelstukje schrijven, waarin mijn quote was: ‘Om ergens te komen moet je eerst besluiten niet te blijven waar je nu bent’. Dat heb ik gedaan! De laatste maanden zijn er veel dingen veranderd: verhuizen van de Achterhoek naar Twente en van studeren naar werken; mijn leven ziet er opeens totaal anders uit.

Van tevoren zijn er altijd ideeën over hoe werken bij de gemeenten er aan toe gaat: mensen die al dertig jaar hetzelfde werk doen, het gebrek aan veranderingen, het bureaucratische van overheidsorganisaties, de ideeën over ambtenaren die voornamelijk uit het raam kijken etc. Ook ik had dergelijke ideeën. Natuurlijk zijn er beelden die bevestigd worden, maar zou dat zo verschillen met bedrijven? Ik vraag het me af! Ik merk juist dat er veel collega’s zijn met een grote maatschappelijke betrokkenheid en een passie voor wat ze doen. Collega’s die het heel druk hebben, die open staan voor alle ideeën en die om de paar jaar een andere functie hebben. Wat wel een verschil is met bedrijven, is het bureaucratische. Iedereen moet overal wat van vinden, dus er gaat wel wat tijd over heen voordat een besluit genomen is. Maar zoals het spreekwoord luidt: ‘Geduld is een schone zaak’. Dat moeten we dan maar gewoon hebben.

Door zelf te werken bij een gemeente, ga je ook anders tegen de werkzaamheden van een gemeente aankijken. Wat zijn de taken van een gemeente eigenlijk? Sommigen zien de gemeente als bank, waar je geld uit kan halen om je eigen projecten te realiseren. Anderen zien de gemeente als organisatie die alles maar moet regelen. Ook binnen het gemeentehuis zijn er vragen over wat precies taken van de overheid zijn. In de afgelopen vier maanden heb ik wel gezien dat het gemeentebudget helaas niet toereikend is om alles te financieren. Er moeten ook door de maatschappij dingen gerealiseerd worden. Om er nog maar een quote in te gooien: ‘Samen bereik je meer dan alleen’.

Tot nu toe kijk ik vooral positief terug op de afgelopen vier maanden. Ik heb me bij gemeente Twenterand bezig gehouden met data-analyse van het platteland. Terugkijkend zou het fijn zijn als mijn hersens wat vaker heel hard moesten werken en de opdracht meer mogelijkheden bood om samen te werken met collega’s. Ook zou het prettig zijn dat alle collega’s van elkaar weten wat ze doen, waardoor informatie sneller te achterhalen is. Toch overheersen de positieve ervaringen. De mogelijkheden om met iedereen te praten, overal mee te kijken, de goede sfeer, alle nieuwe mensen die je leert kennen en de leerzame en gezellige trainingen op de vrijdagen compenseren de mindere aspecten. Na deze bezinning kan ik de conclusie trekken dat het traineeship een goede keuze was, ik erg op mijn plek zit en zin heb in de komende tijd!


Ontwikkelen als trainee

Mathijs Struijk

 

 

 

Het trainee-leven van Kalina Vrieze

Van “Er gaat niets boven Groningen” naar “Trots op Twente”

Sinds de zomer is alles nieuw voor mij: ik ben geen student meer, maar officieel ambtenaar, ik woon niet meer in mijn kamer in Groningen, maar ik woon in een echt huis in Twente en ik ga elke dag om 6 uur uit bed, terwijl ik absoluut geen ochtendmens ben. Vroeg opstaan deed ik voorheen gewoon uit principe niet en nu probeer ik het elke ochtend. Waarom vraag je je af…

Precies een jaar geleden studeerde ik af aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Ik heb Geschiedenis gestudeerd met een focus op Midden- en Oost-Europa en Rusland. Tijdens mijn studie heb ik altijd gezocht naar leuke uitdagingen; ik heb bijvoorbeeld gestudeerd in Moskou en stage gelopen bij het Consulaat-Generaal in Sint Petersburg. Naast mijn studie – en nu ook naast mijn werk – volgde ik Russische taallessen.
Na het afronden van mijn studie ging ik een maand naar Siberië voor taal- en cultuurlessen.
Toen ik weer terug kwam in Nederland ging ik werken in een buurtkroeg. Al snel miste ik daar de uitdaging. Ik kwam er achter dat ik mij wil inzetten voor een fijnere samenleving. In welke functie en op welk beleidsterrein wist ik nog niet. Een breed traineeship bij de overheid sloot perfect aan op mijn wensen én vraagtekens. Ik besloot te solliciteren op het traineeprogramma van de Twentse Overheid en zodoende ben ik nu hier!

Op 9 september 2019 begon ik op mijn nieuwe werkplek in het gemeentehuis van Twenterand.
Ik zit op een (vaste) flexplek tegenover mijn collega-trainee Marieke. Aan mij was de opdracht om vooruitlopend op de ‘Omgevingswet’ een visie op het cultureel erfgoed te schrijven.
Na een paar interne gesprekken en het lezen van verschillende documenten dacht ik: “hier ben ik over drie maanden mee klaar”. Niets blijkt minder waar.
Als mijn opdracht een studieopdracht was geweest, was het in drie maanden gelukt, maar ik heb te maken met echte mensen. En echte mensen hebben zeer uiteenlopende wensen, dus die drie maanden heb ik niet gehaald. Oftewel, eigenlijk zit ik hier perfect op mijn plek, want ik heb weer een goede uitdaging gevonden.

De sfeer in het gemeentehuis in Vriezenveen is erg goed. Aangezien deze gemeente relatief klein is, zijn de lijntjes kort. Ik kom bijna wekelijks bij de wethouders, regelmatig maak ik een praatje met de gemeente secretaris en ik loop gemakkelijk binnen bij collega’s van andere afdelingen.
Flexen is hier niet echt een ding, maar even (inhoudelijk) ergens buurten gebeurt zeer regelmatig. Wandelen doet de Twenterandse ambtenaar ook graag. In kleine of grote groepjes het rondje links- of rechtsom lopen, onderweg steeds “hoi” zeggen tegen collega’s en even wat lekkers halen in de Jumbo – het voelt bijna alsof ik weer op de middelbare school zit.
Na een dag hard gewerkt te hebben, zeggen we dat tegen elkaar en wens ik mijn kamergenoot op dinsdag vaak al een fijn weekend (ik werk vaak thuis op woensdag, zij is donderdag vrij en ik ben vrijdag niet in Vriezenveen).

Na vier dagen gewerkt te hebben aan mijn opdracht vind ik de trainingen op vrijdag een fijne afwisseling. Als traineegroep zijn we bijvoorbeeld twee dagen bezig geweest met de methode om een egotrip om te zetten in een egostrip. De belangrijkste vraag daarbij is “wat zijn je behoeften?”. Verder hebben we een uitgebreide e-learning gedaan over de Algemene Wet Bestuursrecht (AWB) en werd het belang van kennis over de AWB onderstreept tijdens een dag vol voorbeelden door een interessante gastdocent.
Twee weken geleden deden we het simulatiespel “hoe werkt de gemeente?”, waarbij alle trainees in vijf ronden verschillende rollen vervulden die belangrijk zijn in het besluitvormingsproces in de gemeente. Zo was ik bijvoorbeeld raadslid, directeur fysiek domein en wethouder economische zaken.
Vorige vrijdag hadden we intervisie. Tijdens de intervisiemomenten delen we ervaringen en proberen we elkaar te helpen. Aangezien het bijna kerst is, hebben we er ook meteen een gezellige middag van gemaakt met een heerlijke lunch en een cadeautjesspel.

Het simulatiespel “hoe werkt de gemeente?” deden we in de raadszaal in het stadhuis van Enschede

 

Hier bereid ik mij – als wethouder – voor op het raadsdebat

 

Tot nu toe bevalt Twente en het volwassen, werkende leven mij zeker niet slecht.
Soms is het zwaar: een nieuwe omgeving, een nieuw ritme en een project dat niet altijd loopt zoals ik dat zou willen, maar tegelijkertijd doe ik ontzettend veel ervaringen op, ontmoet ik elke week weer interessante mensen, maak ik mij nieuwe perspectieven eigen en kom ik op plekken waar ik voorheen nooit kwam en voer ik gesprekken die ik voorheen nooit voerde.

Als ik de balans opmaak ben blij dat ik de stap richting Twente en dit traineeship heb gezet!


Het ‘echte werk’

Nienke Dannenberg

Het is inmiddels halverwege november, dit betekent dat ik nu een dikke twee maand voor de gemeente Almelo werk aan mijn opdracht, het opstellen van een integrale preventieagenda voor het programma zorg. In deze blog vertel ik hoe ik mijn werk tot nu toe ervaar.

Tot hilariteit van mijn collega’s had ik de eerste paar weken ’s ochtends vaak het gevoel ‘yay, ik mag weer vandaag!’ Ik had alle rust en tijd om me te verdiepen in het onderwerp (publieke) gezondheid, iets wat me altijd al geboeid heeft. Daarnaast waren er kennismakingsgesprekken met collega’s, waarbij ik met ze praatte over preventie. Kortom, alles was nieuw, interessant en leuk.

Die wittebroodsweken zijn definitief voorbij. Het ‘echte werk’ is begonnen. Waar je als student nog een relatief duidelijk eindproduct had waar je naar toe moest werken, moet je als trainee zelf je eindplaatje vormgeven en de regie nemen. Dat gevoel van zoekende zijn naar wat jouw rol is, is soms lastig, zeker als je iemand bent die van duidelijkheid houdt zoals ik. Maar hé, ik heb voor dit traineeship (en ook specifiek voor deze opdracht) gekozen omdat ik mezelf wilde uitdagen. Dat is in ieder geval gelukt, ik ben een beetje uit mijn comfortzone en dat is heel leerzaam. Wat ik zelf prettig vind, is dat je als trainee tegelijk met een aantal anderen start, je kunt zo je ervaringen vergelijken. Uit onze gesprekken bleek dat andere trainees ook zoekende zijn/waren. Het is blijkbaar ‘normaal’ om even te zwemmen als je een nieuwe opdracht krijgt. Krijg vooral niet het idee dat we als trainees elke keer bij elkaar komen om te klagen over hoe zwaar ons leven is, want dat valt reuze mee.

Toen ik een aantal weken bij de gemeente Almelo werkte, realiseerde ik me dat ik het heel leuk zou vinden een klein, concreet project te doen naast mijn preventie-opdracht (die een wat hoger abstractieniveau heeft). Dit concrete project werd me vlak daarna in de schoot geworpen: mijn begeleider had ondersteuning nodig bij het realiseren van een project dat gerelateerd is aan preventie. Ik mocht onder andere de concept memo herschrijven tot de versie die besproken zou worden met wethouders en vervolgens een collegevoorstel opstellen. Als ik dacht aan het ‘echte werk’ van een ambtenaar, zag ik wel vaak zoiets voor me. Want hoe formuleer je een beleidsstuk? Hoe zorg je dat je wel transparant bent en een goed overzicht geeft, zonder dat je langdradig wordt en de bestuurders lastig valt met te veel details? Daarnaast is het project nog werk-in-uitvoering. Dit betekent dat je in je beleidstekst ruimte moet houden voor kleine veranderingen omdat nog niet alles vast staat. Dus je moet ‘vaag’ formuleren en tegelijkertijd duidelijk zijn. Daar kon ik bij dit project mooi mee stoeien, een leuke uitdaging. Ik vind het heel leuk dat ik tijdens mijn traineeship die verantwoordelijkheid krijg. Acht weken nadat ik begonnen was met werken voor de gemeente Almelo zat ik al samen met mijn begeleider bij een aantal wethouders aan tafel om een plan te bespreken. Het is niet zo dat ik daar dan voor spek en bonen bij zit, maar ze kijken dan ook echt naar mij voor bepaalde informatie.

Wat dit traineeship voor mij ook interessant maakt, is dat ik persoonlijk ervaar dat niet alles loopt zoals je verwacht als je aan een opdracht werkt. Ik heb wel eens een dag gehad waarbij iets voor mij zo in het honderd liep dat ik om 12.00 uur dacht: ‘ik ga naar huis’. Maar goed, dat kan natuurlijk niet als verantwoordelijke volwassene, dus ik heb troost gezocht bij mijn collega’s en de zak apenkoppen die op de afdeling lag.
Achteraf gezien zijn die momenten juist de momenten waarop je het meest leert en waardoor je het gevoel krijgt dat je bezig bent met het ‘echte werk’ en niet zomaar een (afstudeer)projectje doet los van de rest van de organisatie. Het ‘echte werk’ gaat namelijk over meer dan alleen de inhoud. Het gaat ook om tact, voelsprieten hebben voor onderlinge verhoudingen en ‘bestuurlijk sensitief’ zijn zoals dat zo mooi heet. Het voordeel van het trainee-zijn is dat je gemakkelijk om hulp kunt vragen als je denkt dat iets tricky wordt. Je draait wel mee als werknemer, maar niemand verwacht dat je alles al weet of kunt, je bent er tenslotte om te leren.

Een ander voordeel van het trainee-zijn is, dat je af en toe wat anders kan doen dan het ‘echte werk’.
Zo nam ik samen met een paar andere trainees deel aan een training van Veiligheidsregio Twente. Daar hadden ze trainees nodig om ‘het de telefonisten van het crisisnummer lastig te maken’. We zaten met drie trainees te bellen. We moesten doen alsof we boos waren, in paniek waren, informatie nodig hadden, of we moesten gewoon proberen de lijn zo lang mogelijk bezet te houden met nutteloos geklets. Dat, en de gezelligheid van de andere trainees, was voor mij een leuke afwisseling.

Kortom, het ‘echte werk’ heeft (in mijn geval) ups en downs, maar is juist daarom heel leerzaam en interessant.


Een dag uit het trainee-leven van Linda Masselink

Begin september ben ik begonnen als trainee beleidsadviseur bij gemeente Enschede. Samen met drie collegae vorm ik hier het kernteam voor de evaluatie van het evenementenbeleid.

Graag neem ik jullie mee in mijn werkdag van maandag 7 oktober (11:00-21:30 uur).
Je snapt natuurlijk dat ik bewust voor een blog van deze dag heb gekozen om te laten zien dat ambtenaren ook echt wel langere dagen kunnen maken dan van 09:00 tot 17:00 uur. Af en toe.

Even om de context te schetsen: ik had mijzelf uitgenodigd voor een avondbijeenkomst en wist dus dat deze dag een latertje zou worden. In mijn agenda stond mijn eerste afspraak echter pas om 11:00 uur gepland, dus het besluit om ook pas dan te beginnen met werken was snel gemaakt. Niet verkeerd na een weekend dacht ik zo.

In de bus onderweg naar werk bleek dit al snel niet een van mijn beste ideeën. Ik keek vluchtig op mijn werktelefoon (die ik weekends niet bekijk) en zag al meteen: oké veel mails gemist.
Als je om 10.45 uur op je werk aankomt en om 11.00 uur je eerste afspraak hebt staan, heb je ook geen tijd meer om al deze mails nog vóór die afspraak te behandelen. Niet een heel tactisch begin van de week: leerpuntje voor de volgende keer.

Van 11:00-12:00 uur had ik dus mijn eerste afspraak:’bijeenkomst kernteam evaluatie evenementenbeleid’. Ik was hiervoor best zenuwachtig. Waarom? Nou, de eerste bijeenkomst ging ik eigenlijk in met een houding van: ik ben trainee, ik ben nieuw, ik laat het gewoon allemaal op mij afkomen.
Zei iemand iets over een leerdoel regie nemen? Een afwachtende houding bleek niet helemaal de bedoeling. Van mij werd eigenlijk verwacht dat ik zou gaan fungeren als een soort spin in het web, als projectleider. Oké oké, spannend! Dus vandaag was de tweede bijeenkomst, ik ben nog steeds trainee, nog steeds nieuw, maar deze keer ga ik het niet allemaal op mij af laten komen. Ik deed een dappere poging de regie in handen te nemen. Ik had een agenda gemaakt en de bijeenkomst voorbereid, dus het begin was er. Toch sneeuwde mijn rol als projectleider vrij vlot alweer onder. Ontwikkelpuntje dan maar?

Om 12:00 uur stond ‘Keek op de Week’ op het programma. Dit is een half uurtje dat geleid wordt door Leo, afdelingshoofd Beleid en Strategie, waarbij belangrijke ontwikkelingen, dingen die spelen en personeelszaken worden besproken. Deze keer echter niks van meegekregen, want ja.. ik moest dus mails beantwoorden: er zaten urgente mails bij. Sorry Leo!

13.00-14:00 uur gesprek over de Strategische Opgaven van Enschede. Deze afspraak had ik ingepland op advies van mijn begeleider. Het leek haar een goed idee om meer te weten te komen over de strategische opgaven van Enschede met betrekking tot het evenementenbeleid.
Mijn eerste vraag van het gesprek was dan ook: ‘wat kan je mij vertellen over de strategische opgaven van Enschede en dan met betrekking tot het evenementenbeleid?’. Antwoord: ‘Nou, gerelateerd aan het evenementenbeleid eigenlijk niks’. Perfect, hebben we dus niks aan dacht ik. Toch bleek het tegendeel waar en heb ik veel aan het gesprek gehad. Misschien niet gerelateerd aan het evenementenbeleid, maar het is sowieso goed om kennis te hebben over de strategische opgaven van de stad waar je werkt. Bovendien interessant om te horen wat deze functie allemaal inhoudt!

Om 14:30 uur had ik mijn eerste gesprek met de opdrachtgever, begeleider en Marlies (coördinator van het traineeship). Dit gesprek diende als kennismaking en was tevens bedoeld om verwachtingen uit te spreken van beide partijen en mijn leerdoel te bespreken. Surprise surprise, mijn leerdoel was, niet bang zijn de regie te nemen en vertrouwen te hebben in mijzelf als werknemer. Mijn opdrachtgever en begeleider waren het nog niet opgevallen dat dit een uitdaging voor mij is en gaven aan tot nu toe tevreden te zijn met mijn manier van werken. Ey! Maar dat is mooi 😊!

Om 18.30 uur stond mijn laatste afspraak van de dag op het programma: herijking citymarketing visie deel 2. Ik had bedacht langer door te werken om daarna meteen door te gaan naar deze bijeenkomst. Gevolg: vóór 18:00 uur zat ik helemaal met me, myself and I op het kantoor.

Om 18:00 uur liep ik naar de Twentsche Foodhall waar om 18.30 uur de bijeenkomst van start zou gaan. Eenmaal aangekomen was het donker. Te donker. Was ik dan echt zó vroeg? Ik besluit een telefoontje te plegen. ‘Waar ben je? Foodhall? Och nee, we zitten in U park hotel, op de campus van de UT! Vergeten door te geven, sorry!’. Dus, op naar het U park hotel. 19.00 uur kwam ik de bijeenkomst, die al begonnen was, binnenlopen. Er was nog één stoel vrij, juist: helemaal vooraan.

Om 21.30 uur was de bijeenkomst afgelopen. Ik werd opgehaald en met een beetje fantasie kom je op de terugweg toevallig langs de MAC. Meant to be? Wat mij betreft een perfecte manier om deze dag mooi af te sluiten.


 

Introductieweek trainees 2019 – 2021

Een goed georganiseerde introductieweek voelt als een warm bad voor een groep nieuwe trainees. Tijdens deze introductieweek zijn we bekend geworden met een aantal verschillende gemeenten, hebben we een klein netwerk opgebouwd en hebben we vooral elkaar goed leren kennen. We nemen jullie mee in hoe zo’n week er bij Regio Twente uit ziet!

Maandag 2 september 2019
Goor

Sommigen van ons hebben nét te horen gekregen dat de scriptie voldoende is beoordeeld,
sommigen hebben net het diploma in ontvangst mogen nemen, voor anderen een nieuwe job.
Na een spannende sollicitatieprocedure en afronding van opleidingen mag het dan nu beginnen! Om 10:00 uur meldden we ons in het gemeentehuis van het Hof van Twente. Een prima tijd op de maandagochtend. Eindelijk ontmoeten we elkaar (trainees) en aan deze kennismaking is voldoende aandacht besteed, onder begeleiding van Marlies Bodewes en Judith Westendorp. Zo doen we verschillende kennismakingsspellen en vertellen elkaar over onszelf. Veel nieuwe indrukken dus, even laten bezinken tijdens een lunch!

Om 13:00 uur maken we kennis met de projectleden rondom het traineeprogramma. Dit doen we in vorm van speeddates. Al direct blijkt twee minuten per gesprek te kort, oké, vijf dan. Nog steeds kort, beide partijen zijn nieuwsgierig. Ook de gemeentesecretaris van Hof van Twente, Dennis Lacroix, schuift aan. De eerste stenen van ons jonge en nog kleine netwerk, zijn gelegd. Na het speeddaten neemt Dennis ons mee in de gang van zaken bij het Hof van Twente. Hij vertelt over de gemeente, over zijn taken en over de uitdagingen binnen de gemeente. Om 16:30 uur eindigt onze eerste officiële dag.

Maar eerst: groepsfoto! Meet the trainees of 2019-2021.

Dinsdag 3 september 2019
Enschede en Oldenzaal

De ochtend begint in Enschede, stadhuis. De vraag vooraf was: neem jullie fietsen mee. Lekker, naar buiten! Hans Koning ter Heege – stadsdeelmanager Enschede Centrum – vertelt ons meer over stadsdeelmanagement: wat houdt dit in en waarom werkt de gemeente Enschede op deze manier? Na een uurtje pakken we de fietsen en gaan we de stad in. Af en toe stoppen we en vertelt Hans iets over de stad. Hierna gaan we naar de plek waar we allemaal bekend zijn omdat de sollicitatiegesprekken hier plaatsvonden: het Twentehuis. Er staan praktische zaken op de planning: installeren van mobiele telefoons en laptops, waarna wederom een lekkere lunch.

De middag brengen we door in Oldenzaal. Hier worden we ontvangen door Rianne ter Bekke en oud-trainee Kate Snellens. Samen gaan we een centraal punt van Oldenzaal betreden: de St. Plechelmus-basiliek: 61 meter hoog, ruim 200 traptreden en twee leuke torengidsen die ons vol enthousiasme meenemen. Het uitzicht was prachtig! We vonden wat afgekloven botjes in de toren, lunchresten van de valken die de toren ook betreden. In Oldenzaal gaan we verder met het uitbreiden van ons netwerk door speeddates. We hebben interessante gesprekken onder het genot van een drankje.

Woensdag 4 september 2019
Hengelo en Vriezenveen

Laarzen aan en helmen op, want… we gaan de bouwplaats op. Het nieuwe stadskantoor van Hengelo is bouwkundig zo goed als af. Martin Fleer neemt ons mee naar het nieuwe gebouw, legt uit welke doelen het gebouw moet dienen, waarom bepaalde keuzes gemaakt zijn en wat de binnenhuisarchitect van plan in, en waarom. Erg interessant om zo’n grootschalig project in de afrondingsfase te zien. Ook wordt het oude gemeentehuis gerenoveerd. Hierna gaan we de binnenstad van Hengelo in en wordt ons verteld wat de toekomstige plannen voor de stad zijn en waarom. Waarna: lunch. We concluderen dat het wennen wordt als we maandag onze eigen boterhammen met kaas weer eten. De lunch is deze week zo goed geregeld!

’s Middags gaan we naar Vriezenveen, gemeente Twenterand. De boodschap luidde: trek stevige schoenen aan. We gaan wandelen en fietsen door de Vriezenveense natuur en begeven ons naar de Fayersheide, een natuurgebied van ca. 10 hectare en restant van het ooit uitgestrekte veenlandschap. De bedoeling was om hierna naar het zonnepark (40.000 zonnepanelen) te gaan, helaas regende het zo hard dat we besloten terug te fietsen naar het gemeentehuis. Hier vertelden ze ons verder over het zonnepark en sloten we de dag af met een netwerkborrel.

Donderdag 5 september 2019
Buurse

Donderdag ontmoetten we elkaar in Buurse, de Pol. Hier blijven we overnachten. Deze tweedaagse zijn we begeleid door Judith Westendorp, onze coach voor de komende twee jaar. We doen verschillende teambuilding opdrachten – persoonlijke favoriet: twee teams, doel: beide proberen het leukste spel ooit te bedenken. Het winnende team had terecht gewonnen met het spel: spring-ring-bal. Wat? Je springt op de trampoline, speelt de bal door die iemand aangooit en afhankelijk van in welke ring je de bal raakt, krijg je punten. De tegenpartij mag proberen de bal uit de ringen te houden. Een nutteloos doch verplicht element van het spel: iemand moet langs de zijlijn hoepels draaien met beide armen. Als afleiding. Echt, het is leuker dan het klinkt, kijk zelf maar.

Tegen een uur of vijf ging Judith er vandoor. We hebben met de trainees samen gegeten en spelletjes gespeeld

(aanrader: De Weerwolven van Wakkerdam).

Vrijdag 6 september 2019
Buurse

Na het ontbijt gingen we verder met teambuilding, kregen we meer info over do’s and don’ts binnen het traineeship en bespraken we onze verwachtingen. Na de lunch ’s middags zit de introductie week er-op. We zijn het er allemaal over eens: het voelt alsof we elkaar al veel langer kennen én we hebben nu nog meer zin om aan de slag te gaan bij onze opdrachten! Daarmee kunnen we stellen dat de introductieweek een succes is geweest.

 

Extra

Schotse Highland Games
Beckum, Hengelo

Er zit een week op bij onze eerste opdracht. Tijd om elkaar weer te zien! En wel tijdens een Schotse Highland Games, georganiseerd door OE (Onderhoud Enschede).
Boomstammen gooien, pijl en boog schieten, steenwerpen, boomstam zagen, hamer zwaaien, whisky vaten rollen, tractors trekken, noem maar op. Tijd om onze brute krachten te laten zien!

Écht pijl en boog schieten, moeilijker dan je denkt… of boomstam doorzagen. Ook best zwaar. Maar de derde foto: lijkt best makkelijk, toch? Rondjes lopen met twee stammen. Oh ja: één stam weegt 35kg. De opdracht luidt: loop zoveel mogelijk rondjes in 90 seconden tijd… Spierpiiijn.

Ook in diezelfde categorie: tractor trekken. Waarbij ik me hardop afvroeg: ‘’Goh, wat weegt zo’n ding eigenlijk? 500, 600 kilo?’’ Waarop een voorbijganger reageert: ‘’1.300 kilo!’’. Dus…. Met z’n vieren, het team dat het snelst de tractor van a naar b trekt, wint. Wederom: spierpijn gegarandeerd.


Maar wat hebben we gelachen.

We zijn geëindigd op de 13e plek van de 14 teams, desalniettemin een poedelprijs ontvangen.
Wij zijn blij. Oh ja, en een creatieve Schotse outfit hoorde erbij. Dus besloten wij om geen kilt te dragen, maar om allemaal een Schots whisky merk op een shirt te tekenen.
Volgend jaar zijn wij er weer bij!

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Trainees 2017 – 2019

 

Sociaal experiment Trainees 2017 – 2019

Mag ik je wat vragen? Eén tafel, twee onbekenden, vijf bijzondere gesprekken

Trainees Twentse Overheid presenteren: ‘The Interpersonal Closeness Experiment’

De trainees Twentse Overheid 2017 – 2019, zijn voor hun afsluitende project, bezig geweest met de uitvoering van het sociale experiment:
The Interpersonal Closeness Experiment’.

Waarom?

Onze trainees waren benieuwd naar de gesprekken tussen inwoners en bestuurders, zonder dat ze elkaar kennen. Het eindresultaat is een inspirerende mini-docu.

Het regionale project van onze trainees

Onze trainees zijn allemaal werkzaam binnen een Twentse gemeente en/of aangesloten regionale organisatie/samenwerkingsverband. Onderdeel van het traineeship is het uitvoeren van een regionaal project voor Twente.
Na verschillende inspiratiesessies en bijeenkomsten in de regio, hebben zij vastgesteld dat er behoefte is aan fijn en sociaal leven in Twente. Zij zijn ervan overtuigd dat het fijn leven is in Twente. Dit willen ze uitbeelden aan de hand van een documentaire die gebaseerd is op het experiment van Arthur Aron (1997).

Het experiment van Aron

In 1997 bedacht Arthur Aron een experiment, waarin twee onbekenden elkaar 36 persoonlijke vragen stellen. Aron stelde dat door middel van het stellen van persoonlijke vragen en de kwetsbaarheid die schuilgaat achter de antwoorden, participanten in een zeer korte tijd een intense band opbouwen.

Mini-docu: Kloof tussen inwoner en bestuurder

Soms wordt er geopperd dat er een kloof is tussen inwoners en lokaal bestuur. Is het daadwerkelijk zo erg gesteld? Onze trainees hebben dit getest door Arons experiment uit te voeren met inwoners en lokale bestuurders uit Twente. Pas achteraf werd de identiteit van de deelnemers bekendgemaakt. Na afloop van het experiment hebben zij de deelnemers gevraagd hoe ze het ervaarden en wat voor verwachting ze hadden van de gesprekspartner.

De ontmoetingen en gesprekken leidden tot bijzondere momenten, want uiteindelijk zijn we allemaal mensen met een eigen verhaal.
Het experiment is verwerkt tot een mini-documentaire.  Oordeel zelf over het eindresultaat!

 

BLOG’s



Shotgun

“The name is Shotgun and I want a shot of patrón, pour one for yourself as well”. Wacht. Zei hij dat zijn naam Shotgun is? En wat bestelde hij? Oke focus: Patrón. Waar staat de tequila ook alweer? Is het slim om shots te doen met een man die Shotgun heet? Kom op, wees geen mietje ter Denge.

“Shorty, what brings you up here? You sure as hell didn’t come here to play basketball!”.[1]

Shotgun en ik beginnen na de tequila een gesprek over Nederland en wat ik eigenlijk voor een maand in Amerika doe (“it’s a total escape, sir”). Shotgun vertelt luchtig dat hij net een week uit de gevangenis is voor mishandeling. Self-defence. Uiteráárd. Hij viert zijn freedom door met zijn Harley door Colorado te rijden. Al mijn aandacht is volledig op hem gericht. De andere gasten verdwijnen langzaam maar zeker naar de achtergrond. Helaas voor hen én voor mijn inkomsten die avond.

Zijn ouders emigreerden jaren geleden van Puerto Rico naar Amerika. Ze hadden niets meer dan een koffer vol kleding en misschien honderd dollar. Toch waren ze hoopvol. Banen werden gevonden. Slopende uren zorgden voor voedsel op tafel en een klein appartement in Chicago. In de daaropvolgende jaren had Shotgun – naast school – meerdere bijbaantjes. Hij maaide gras, bracht kranten rond en dacht zo dé formule voor succes en geluk gevonden te hebben. Als hij maar een goede opleiding deed, mensen eerlijk behandelde en harder werkte dan wie dan ook, dan zou alles in zijn leven goedkomen. Toen hij opgroeide en zijn carrière startte (‘swimming the sharks in the financial sector baby’) hanteerde hij dezelfde succes- en geluk formule. Hij voelde zich jarenlang ‘reasonably happy’.

De crisis van 2008 sloeg toe en het leven werd overweldigend. De constante veranderingen, ontslagen, de snelheid van het leven. Shotgun just couldn’t keep up. Hij voelde zich in de steek gelaten door zijn formule voor succes en geluk. Hard werken en ‘alles goed doen’ werkte niet meer. Nu was hij hier in deze bar, vers uit de gevangenis, geen huis, geen baan, geen toekomstplannen. “Mrs. Netherlands, please pour me another one, take one for yourself and wipe that look of your face. I’m fine”.

Die avond leerde ik dat er geen formule is voor het leven. Een perfecte baan, een huis, een eigen bedrijf of een partner vormen een illusie voor ons brein om structuur aan te brengen in een leven dat structuurloos is. Dus sla deze les ergens op, drink goede tequila en ga vanaf nu maar gewoon mee met de chaos. Het leven is zo slecht nog niet. Cheers!

Shotgun, if you’re reading this. You still owe me 37,- dollars not including tip.

Eva ter Denge, Trainee Regio Twente

 

[1] De schrijfster is 1.83m (ofwel 6 feet something).

 


Kantoortaal                                                                          

                                                                                                                                                                  Maaike

In deze blog wil ik graag even iets tegen jullie aanhouden, namelijk kantoortaal. Hieronder staat mijn huidige opdracht geschreven in dit bijzondere taaltje. Stiekem vind ik het namelijk heel leuk om deze taal te beoefenen:

Op dit moment ben ik werkzaam bij de afdeling RMC (Regionaal Meld – en Coördinatiepunt) van de gemeente Oldenzaal. Het RMC heeft als corebusiness om tactisch regie te voeren op jongeren tussen 18 en 23 jaar en deze jongeren te monitoren in een sluitende regionale registratie. Bij het RMC ligt de focus op voortijdig schoolverlaters. Dit zijn jongeren die voor hun 23e van school zijn gegaan voordat zij hun startkwalificatie hebben behaald. De stip op de horizon van het RMC is dat er geen jongeren meer tussen wal en schip vallen, dat jongeren in hun kracht worden gezet en er maatwerk wordt geleverd.                      

Aangezien stilstand achteruitgang is, is het RMC bezig met een doorontwikkeling. Deze doorontwikkeling is een regionaal proces dat wordt beschreven in de Twentse Belofte. De bestaande aanpak moet kantelen en het is in de regio gewenst om alle neuzen dezelfde kant op te krijgen om zo schooluitval te voorkomen. Om de uitvoering van de Twentse Belofte te borgen, de trajecten te bewaken en beslissingen vanuit de werkgroepen af te tikken is een stuurgroep in het leven geroepen. Om het doel van de Twentse Belofte tot uitvoering te brengen zijn er verschillende werkgroepen opgericht waarbij verschillende gemeenten aanhaken op de volgende thema’s: 18+ verzuim, thuiszitters, schooluitval en Pro/VSO. Deze werkgroepen sparren en leggen een ei over verschillende aanpakken met betrekking tot deze thema’s die vervolgens regionaal uitgerold zullen worden. 

Mijn opdracht binnen RMC en de Twentse Belofte is om te pionieren door aan de slag te gaan met een pilot. Een aantal jongeren zonder startkwalificatie zijn niet in beeld bij de gemeente Oldenzaal en mijn opdracht is om deze jongeren in beeld te brengen, hun behoefte te peilen en een monitorproces op te zetten. Daarnaast zal ik met verschillende personen brainstormen over hoe het vinden en benaderen van jongeren het beste aangevlogen kan worden. Deze twee dingen zal ik vervolgens terugkoppelen en uitwerken tot een plan van aanpak wat de Twentse Belofte betekent voor Oldenzaal.

Kortom: ik heb een keileuk project in Oldenzaal, ontmoet veel leuke mensen, leer veel gemeenten kennen en kan hopelijk een bijdrage leveren aan het waarmaken van de Twentse Belofte!

 


Rituelen en handen schudden

een hoofdstuk uit het boek ‘Iemand Koffie? – Etnografie van de gemeente Rijssen-Holten  geschreven door Stijn de Kleuver

 

Een van de meest bijzondere – en wat ik persoonlijke heb ervaren als enigszins ongemakkelijke – rituelen die ik heb mogen meemaken in deze organisatie is ‘Het Nieuwjaarsontbijt’.

Op de eerste werkdag in het nieuwe jaar wordt in deze organisatie traditioneel een ontbijt aangeboden aan alle medewerkers. Tijdens dit tafereel houdt de burgemeester een toespraak vol prachtige voornemens en wensen voor het komende jaar. De aanwezige medewerkers luisteren aandachtig, terwijl zij de bolletjes ham en kaas wegspoelen met melk, jus d’orange of koffie.

Als de laatste woorden van de burgemeester klinken, volgt er een luid applaus. Deze ovatie is niet alleen een afsluiting, maar tevens een aankondiging van een nieuw onderdeel van het ritueel.
Zonder enig kenbaar startsein beginnen er eerst een paar, en na een enkele seconden alle aanwezigen, in een geordende chaos elkaar ‘een gelukkig nieuwjaar’ te wensen.

En dan sta je daar. Te midden van honderd collega’s die als onstuimige bijen door de zaal zoomen op zoek naar verse bloemen. “Gelukkig nieuwjaar.” “Bedankt, jij ook!” Tijdens het uitspreken van deze wensen worden handen geschud en wordt er sporadisch gekust, gevolgd door het uitspreken van een van de vragen: “Goede jaarwisseling gehad?”, “Fijne dagen gehad?” of “Heb je nog goede voornemens?” Als een mantra wordt dit gebruik telkens met een ander persoon herhaald, net zolang totdat men iedereen een hand heeft geschud.

Er zijn een aantal rebellen die alleen hun directe collega’s opzoeken, maar dit is uiterst risicovol. Immers, wanneer wordt opgemerkt dat iemand anderen, per ongeluk of met opzet, overslaat, kan dit voor langere tijd gevolgen hebben voor relaties. Het is dus verstandig om voor de zekerheid toch maar iedereen langs te gaan.

Ik benijd de mensen die nog een extra dagje hebben opgenomen.
Nadat ik voor de zoveelste keer vermeld dat ik fijne dagen heb gehad en het gezellig was om met de familie bij elkaar te zijn, bedenk ik mijzelf dat ik er één goede voornemen bij heb: volgend jaar neem ik ook een extra dagje vrij.

Overigens, het nieuwjaarsontbijt is lang niet het enige moment waarop in deze organisatie met iedereen handen wordt geschud en een standaard praatje wordt gehouden.
Voor sommigen is dit even graven, maar pas aangestelde collega’s kunnen zich uitstekend de martelgang herinneren om rondgeleid te worden door het gemeentehuis. Dit gebruikelijke voorstelrondje betekent plat gezegd een dik uur handen schudden en glimlachen. Onmogelijk is het om tijdens deze ronde alle namen te onthouden, net zoals het onmogelijk is om tijdens het nieuwjaarsontbijt met volle interesse van iedereen te horen wat voor sterwaardig toetje zij hebben gemaakt op tweede Kerstdag. Als het dan niet ligt aan het uitwisselen van informatie, waarom voeren wij dit ritueel dan wel uit?

Laatst was ik in het gemeentehuis van Almelo voor een project. Er was een ruimte gereserveerd op de bovenste verdieping. En hoewel ik normaal gesproken niet te beroerd ben om de trap te nemen, werd ik bij dit gebouw wat minder enthousiast van deze gedachte. Het idee om de lift te nemen was nu zo gek nog niet.

Net toen ik was ingestapt en de deuren, aan de kermis piepjes te horen, wilden sluiten, stapten nog snel twee personen naar binnen. Onze blikken kruisten elkaar en vrolijk begroette ik hen. De personen keken geschrokken en pas toen ze zich herpakten kwam een kleine groet mijn kant op. Een akelige stilte volgde. Ik dacht dat het aan mij had gelegen, maar wat mij later die dag telkens opviel, is hoe weinig collega’s in Almelo elkaar groeten wanneer zij elkaar tegenkomen.

Dit is iets wat nagenoeg onmogelijk is in Rijssen-Holten. Het is zeer ongebruikelijk dat collega’s elkaar in deze organisatie niet groeten. Mocht dit toch gebeuren, dan is er een grote kans dat er iets mis is.
Het groeten begint ’s ochtends al. Wanneer medewerkers zich een baan wenden door het gemeentehuis richting hun bureau roepen zij constant “Goedemorgen!” wanneer zij een kantoorruimte passeren. Omdat dit standaard wordt beantwoord, klink er in de vroege uurtjes een prachtige symfonie van “goedemorgen’s” over de wandelgangen.

Hoewel dit begroeten ergens een soort dwangmatig karakter heeft, net zoals het handen schudden, is het ook erg tekenend voor het familiaire gevoel dat de organisatie heeft. Hiermee bedoel ik niet dat voor iedereen de organisatie als een warm nest voelt, maar wel dat het een organisatie is waar de lijnen kort zijn, collega’s elkaar kennen en er voor elkaar zijn wanneer dat nodig is.

Het familiaire cultuurtje vestigt zich in meer opvallende gebruiken dan alleen begroeten en overmatig handen schudden. Of het nu in het trappenhuis is, in de wandelgangen of op een van de loopbruggen, collega’s van Rijssen-Holten houden áltijd de deuren voor elkaar open.

Nu is het niet ongebruikelijk om de deur voor een ander open te houden. Toch gebeurt het in deze organisatie nét even wat consequenter, assertiever en gretiger dan ergens anders. Mocht je niet overtuigt zijn, daag ik je uit – geheel op eigen risico – om de deur eens niet voor iemand open te houden. Grote kans dat dit, net zoals wanneer je weigert koffie te halen voor een collega, ervaren zal worden als een diepe belediging.

Gebruiken als het goedemorgen wensen en het open houden van deuren zijn zo geworteld in het gedrag van personen hier, dat ik er niet aan twijfel dat zij voor de meesten als vanzelfsprekend worden ervaren. Dit doe je gewoon – punt. En toch, deze gewone, alledaagse handelingen illumineren op heldere wijze de waarde die men hier hecht aan het herkennen, kennen en erkennen van collega’s. Dezelfde (culturele) waarden komen terug in de rituelen van het gelukkig nieuwjaar wensen en het voorstelrondje. Het draait er hierbij op de eerste plaats niet om dat er informatie wordt uitgewisseld, maar om het leggen van sociaal contact. Het is dit contact waaraan deze organisatie veel waarde hecht; weten wie onderdeel is van de organisatie; de lijnen kort houden; en het familiare gevoel bewaken.
En als dat betekent dat je even dwangmatig als ongemakkelijk moet handen schudden, groeten en deuren openhouden… dan doe je dit gewoon.

Stijn de Kleuver
Trainee Regio Twente
Gemeente Rijssen-Holten


 

 

 

 


Als ongeluk in een klein hoekje zit, dan zit geluk overal.

Geluk, het houdt mensen al eeuwenlang bezig.
Albert Einstein – uiteraard vooral bekend van de relativiteitstheorie –  dipte zelfs zijn grote teen in de ‘gelukswetenschap’. In 1922 schreef hij ‘het recept voor geluk’ binnen enkele seconden op een briefje. Het verhaal gaat dat hij in een hotel in Tokio geen kleingeld had om een fooi aan een hotelbediende te geven.[1]  Daarom krabbelde Einstein snel iets op een briefje met de mededeling dat hij beroemd was en dat het briefje ‘waarschijnlijk meer waard zou zijn dan een reguliere fooi’.

Einstein schreef: “Een rustig en bescheiden leven brengt meer geluk dan het najagen van succes in combinatie met constante rusteloosheid”. Dat wij nog steeds geïnteresseerd zijn in het najagen van geluk blijkt maar weer, aangezien het neergekrabbelde briefje van Einstein op een recente veiling in Jeruzalem 1,3 miljoen dollar opleverde.

Het geluk van burgers blijft een erg levendig onderwerp. In januari van dit jaar zijn de resultaten van een grootschalig onderzoek naar geluk in Nederland gepresenteerd. De gelukkigste persoon in Nederland is óf een twintiger óf een 65-plusser, woonachtig in Drenthe, die regelmatig een glaasje alcohol drinkt, psychisch gezond is en werk heeft.

Oldenzaal geluksstad?
Ook de gemeente Oldenzaal, waar ik momenteel mijn eerste opdracht uitvoer, is bezig met geluk. Oldenzaal formuleerde samen met lokale maatschappelijke partners enkele jaren geleden een stip op de horizon: “Een gelukkige inwoner, die meedoet en daar waar nodig ondersteund wordt en binnen zijn eigen kunnen bijdraagt aan de samenleving“. Hier was iedereen het over eens: hier staan wij voor en alles wat wij doen moet effect hebben op deze doelstelling.

Deze stip is echter wel wat abstract. Want wat is nou een gelukkige inwoner? En kunnen wij als gemeente hier wel iets aan bijdragen? Er is daarom gekeken welke factoren volgens de wetenschap bijdragen aan geluk, en welke van deze factoren beïnvloedbaar zijn door inzet van de gemeente en haar partners. We hebben ervoor gekozen om de effecten voor alle inwoners inzichtelijk te maken door de outcomes (de veranderingen die geprobeerd worden tot stand te brengen) te verdelen in vier verschillende factoren. Er is gekozen voor: zelfredzaamheid, verbondenheid, gezondheid en veiligheid. Onder deze factoren hangen vervolgens verschillende beleidsdoelstellingen. Oldenzaal tracht door een breed scala aan indicatoren te verzamelen, het maatschappelijke effect per factor inzichtelijk te maken. De gemeente is op de terreinen van de ingezette factoren erg actief en wil op die manier de geluksfactoren beïnvloeden en – indien gewenst – bijsturen waar nodig.

Monitor sociaal domein
Om de effecten en resultaten van ons handelen inzichtelijk te maken wordt er op dit moment een monitor sociaal domein ontwikkeld. Deze monitor brengt ten aanzien van de vier gekozen geluksfactoren integraal – dwars door alle verschillende beleidsgebieden heen – informatie bij elkaar. Het resultaat van de monitor is om jaarlijks weer te geven waar we als gemeente staan. Wij trachten antwoord te geven op vragen als: Zijn wij gezamenlijk op de goede weg? Wat gaat er goed? En wat zouden we in Oldenzaal anders of beter kunnen doen? Zijn er slimmere en goedkopere alternatieven? De resultaten die voortvloeien uit de monitor zullen vervolgens gebruikt worden om in gesprek te gaan met de verschillende maatschappelijke partners.

Nee pessimisten, natuurlijk is er geen eenduidige definitie van geluk. En geeft ieder persoon er zijn eigen definitie en invulling aan. Maar ik bewonder Oldenzaal voor deze ambitieuze stap om geluk voorop te zetten. Om buiten de bestaande kaders te denken en doen en ambtenaren te prikkelen om deze ‘omdenkslag’ te maken.

Ik word van dit idee zelf in ieder geval al erg gelukkig, nu de rest van Oldenzaal nog!

Eva ter Denge,
Trainee Regio Twente
Eerste opdracht: Monitor Sociaal Domein,
Gemeente Oldenzaal

[1] Een opmerkelijke culturele faux pas. In Japan wordt het geven van fooi als een belediging gezien waar de ontvanger gewoonlijk niet erg gelukkig van wordt.


door: Didem Kilic-Kirtas


 


wie bint officieel ambtenaren wörden!

Vergangen doonderdag was ‘t zowied: wie bint officieel ambtenaren wörden!

‘n Belofte-dag begun veur oons um 12 uur ‘s middags met ‘n middagetten met oonze traineegroep.

Toen wie dat noar binnen wearkt hadden, kreggen wie ’n stuk of wat (spoed) presentaties van organisaties dee as gastorganisaties oonderdak hebt bie Regio Twente. Wie begunnen met ne presentatie oaver Twentse Kracht, woar wie as trainees ok oonder valt. Doarnoa kwam ne presentatie van OZJT (oaver de samenwerking in de zoarg) ,’t Kennispunt Twente (met oald-trainee Nikki) en de GGD Twente (dee ’n filmke met heel völ spuiten leut zeen…, dat kon wa wat meender….)

Onwies interessant en leerzaam um te wetten wat der allemoal binnen de regio te doon is! Hiernoa gung ’t pas echt los: ‘t ofleggen van de belofte. Dit döa Gerharda Tamminga, ‘n algemenen directeur van Regio Twente.

Noa nen oetleg oaver wat de belofte inhoald en ‘t veurleazen dervan mochen wie allemoal noar veurten kommen um “dat verkloar en beloaf ik” op te zeggen. Noa dit gebeuren bint wie oaver de Cultuurmijl noar ‘t museum TwentseWelle goan. Hier hetten Harry Nijhuis oons welkom en hee hef oons ne onmeundig mooie presentatie gövven oaver Twente. Hiernoa ha’w nog efkes de tied um in ‘t museum roond te lopen en konnen wie as greutse Tukkers ‘m weer an trappen, op hoes op an.

-.-.-.-

(Omdat wij helaas niet toe zijn gekomen aan de cursus Twentse taal, heeft mr. Nijhuis deze blog voor ons in het Twents vertaald! Soeper daank oe wa!)


In september 2017 is de nieuwe groep Trainees 2017-2019, van start gegaan.

De groep bestaat uit veertien ambitieuze jong professionals met veel verschillende studie-achtergronden. Voordat ze echt aan hun eerste projecten begonnen, hadden ze een introductieweek.

Hieronder vertellen ze je in een vogelvlucht wat ze allemaal hebben gedaan.

Dag 1 Kennismaking – Vrijdag 1 september

Op deze dag hebben we kennis gemaakt met elkaar maar ook met onze coach Judith Westendorp. Later op de dag hebben we onder het genot van een hapje en een drankje kennis gemaakt met het projectteam van het Traineeship.

Dag 2 Gemeente Almelo en Gemeente Enschede – Maandag 4 september

 

Op maandagochtend werden we verwacht bij de gemeente Almelo. Hier hebben we informatie gehad over de geschiedenis van Almelo, de actualiteiten die spelen in Almelo en gemeente structuren. Daarnaast hebben we een rondleiding gehad door het duurzame stadhuis. Maar ook hebben we een debatspel gespeeld in de Raadszaal. Als afsluiting hadden we een lunch met een mooi uitzicht over de stad Almelo.

Na de lunch gingen we met de trein naar de volgende gemeente, namelijk Enschede. In Enschede werden welkom geheten op het station. We kregen een rondleiding door de stad vanuit het thema ‘Bruisende binnenstad’. Tijdens de rondleiding lieten medewerkers van gemeente Enschede verschillende plekken zien. Aan het einde van de rondleiding werden we uitgedaagd om een vraagstuk op te lossen. Dit werd gedaan in de lunchzaak ‘STOET Enschede’. ’s Avonds hebben we in het stadhuis kennis gemaakt met de mentoren. Iedereen heeft een goede match kunnen vinden!

Dag 3 Gemeente Borne en gemeente Hengelo – Dinsdag 5 september

Op de derde dag begonnen we bij de gemeente Borne. We kregen verschillende pitches te horen over welke onderwerpen er spelen in de gemeente, zoals nieuwe bestemmingen voor leegstaande schoolgebouwen. Daarna hadden we een mooie wandeling door ‘oud’ Borne en hadden we bij ‘De Ster’ een tussenstop. Naast lekkere taarten maken ze daar ook erg mooie kunst! Ook hebben we het ‘Kulturhus’ bezocht. Hier kregen we uitleg over de visie ‘Borne 2012-2020’. We hebben met een lunch afgesloten en gingen toen weer door naar de volgende gemeente: Hengelo.

In Hengelo werden we opgewacht bij het stadhuis. Na uitleg over de verbouwing van het stadhuis volgde er een rondleiding door het centrum. We hebben ook een bezoek gebracht aan de Stadswerkplaats074. Hier kregen we dillema’s voorgeschoteld waar we in teams aan hebben gewerkt en de bedachte oplossingen hebben gepresenteerd. Aan het einde werden we getrakteerd met het bekende Van der Poel-ijs!

Dag 4 en 5 ‘Op kamp’ in Diepenheim – Donderdag 7 en vrijdag 8 september

De laatste twee dagen van de introductieweek werden besteed voor de start van het ontwikkelingstraject. We verbleven in een mooie B&B in Diepenheim in een groenrijke omgeving. Hier zijn we aan de slag gegaan met het persoonlijke ontwikkelingsplan en hebben we elkaar als groep beter leren kennen. ’s Avonds stond er nog een kookworkshop gepland en hebben gezamenlijk lekkere gerechten op tafel gezet. De volgende dag gingen we verder met het ontwikkelingstraject en hebben we de week met elkaar afgesloten.

Het was een volle, gezellige en leerzame introductieweek. We willen graag alle deelnemende gemeentes bedanken voor hun gastvrijheid en inspiratie!

De Trainees 2017 – 2019    

 


Blog Archief


Trainees 2015 – 2017

Elke twee weken beantwoordde een van de trainees 2015-2017 op zijn of haar eigen manier een van de volgende vragen:

  • Waar staat de gemeente als organisatie over 2 jaar?
  • Wat heeft het traineeship jou tot nu toe gebracht?
  • Van welke collega leer jij het meest?
  • Wat zou jij doen als je een dag burgemeester van jouw gemeente bent?

Blog 1 juni 2017 – Yvette Engbers

Blog 26 april 2017 – Alie Stegerman

Alie Stegerman werkt aan haar derde opdracht in de gemeente Oldenzaal. Hier is ze onderdeel van het team duurzaamheid, waarbij ze onderzoek doet naar mogelijkheden voor zonnepanelen in de openbare ruimte. Daarnaast spelen er veel andere zaken op het gebied van duurzaamheid die ze samen met haar collega’s uitvoert.


 

Blog 24 maart – Boudewijn Idema

Waar staat de gemeente Hengelo over 2 jaar?

In juni 2017 wordt gestart met de bouw van het nieuwe stadskantoor van Hengelo.

De nieuwbouw komt aan de Deldenerstraat, naast het oude stadhuis. Het oude stadhuis wordt momenteel gerenoveerd en zal verbonden worden met het nieuwe stadskantoor.
Hopelijk is dit nieuwbouwproject een impuls voor andere gebiedsontwikkelingen in de binnenstad van Hengelo. Het centrum heeft nu te maken met leegstand en een aantal braakliggende terreinen.

Volgens de planning wordt in maart 2019 het nieuwe stadskantoor opgeleverd. Ik hoop dat de binnenstad van Hengelo dan een positieve ontwikkeling doormaakt en er meer levendigheid ontstaat.

Ontwerp voor het nieuwe stadskantoor. © Gemeente Hengelo

 

Boudewijn Idema is voor zijn derde opdracht aan het werk in de gemeente Hengelo. Hier werkt hij aan twee opdrachten, één op het gebied van personele capaciteitsplanning en de andere opdracht houdt zich bezig met het actualiseren van het Verkeers- en Vervoersplan.


Blog 13 maart – Lisette van Leemput

Lisette werkt bij de gemeente Enschede aan twee projecten, onder de noemer Cultuur en Internationaal vestigingsklimaat.
Het ene betreft de projectleiding van het EK vrouwenvoetbal, waarvan de halve finale en finale in augustus in Enschede plaatsvinden.
De tweede is een onderzoeksopdracht naar de rol van cultuur in het versterken van het internationale vestigingsklimaat van de stad.


Blog 23 februari – Lotte Koning

Lotte Koning werkt aan haar derde opdracht bij het programma dienstverlening van de gemeente Hengelo. Via een aantal formules wordt de dienstverlening voor alle domeinen op dezelfde manier ingericht. Lotte is bezig met de co-creatieformule. Deze formule beschrijft hoe we samen met inwoners, ondernemers en organisaties initiatieven kunnen ontwikkelen.


 

Blog 15 februari – Nikki van Bart

Blog 1 februari – Job Kantelberg

Waar staat de gemeente Enschede als organisatie over 2 jaar?

Ondertussen zijn we als trainees alweer aan de derde opdracht begonnen.
Ikzelf ben neergestreken in Enschede, waar ik bij de concernstaf en griffie vorm ga geven aan het programma Goed Bestuur.
Wanneer ik dat aan collega’s vertel, gaan er vaak de nodige wenkbrauwen omhoog. “Wát doe je precies?” Een logische reactie: goed bestuur klinkt behoorlijk abstract. Je kunt het die collega’s dus moeilijk kwalijk nemen dat er niet direct een lampje gaat branden.

Eigenlijk is mijn opdracht een zoektocht naar het antwoord op de vraag die ons gesteld wordt bij het schrijven van dit blog: waar staan we als gemeente Enschede over 2, maar ook over 10 en 20 jaar? Hoe zorgen we er voor dat de kwaliteit van ons werk en de kwaliteit van ons bestuur tegen die tijd van eenzelfde of liever nog een hoger niveau is dan op dit moment?
Nederland wordt goed bestuurd – zoveel is helder wanneer je kijkt naar verschillende internationale vergelijkingsindexen – maar toch blijft het belangrijk kritisch naar de kwaliteit van ons bestuur te blijven kijken.

Dat de wereld om ons heen verandert, is een dooddoener die men in iedere introductie van ieder beleidsstuk tegenkomt, maar het is ook de realiteit. De transities in het sociaal domein en de daarmee gepaard gaande efficiëntiekortingen hebben ervoor gezorgd dat de gemeente op een andere manier bestuurd moet worden.

Vroeger was er de gemeente die als Vrouwe Justitia; geblinddoekt en dus onpartijdig de wetgeving interpreteerde en zorgde dat inwoners in gelijke gevallen gelijk werden behandeld. De nieuwe taken laten echter zien dat gelijke gevallen niet bestaan. Geen twee personen zijn hetzelfde. Wanneer zij de gemeente nodig hebben voor ondersteuning, is het dan ook onverstandig te doen alsof dit wel het geval is. Oplossingen moeten aan de context worden aangepast. Met de invoering van de omgevingswet zal het meewegen van de context ook in het fysiek domein steeds belangrijker worden. Niet langer is de gemeente geblinddoekt; de gemeente weegt de omstandigheden van het geval juist zwaar mee.

Die verandering vergt nogal wat van de gemeente. Want gelijke behandeling is nog steeds een vetrekpunt in veel regel- en wetgeving waar de gemeente mee te maken heeft. Hoe blijft de gemeente een rechtvaardig orgaan wanneer het niet meer blind op de regelgeving kan vertrouwen? Heldere kaders zijn nodig om medewerkers van de gemeente houvast te bieden; terwijl zij tegelijkertijd vrij gelaten moeten worden om binnen die kaders te handelen.
Zij moeten per slot van rekening kunnen doen wat nodig is. Die kaders schetsen is één van de dingen die het programma goed bestuur beoogt.

Een tweede doel binnen het programma is het in positie brengen van de samenleving in besluitvormingsprocessen. De representatieve democratie blijft belangrijk, maar inwoners willen in toenemende mate ook op andere manieren hun stem laten horen als het gaat om onderwerpen die hen aan het hart liggen. Dat moet wel gebeuren op basis van de juiste informatie. Het ontsluiten en eenvoudig toegankelijk maken van deze informatie richting samenleving is daarvoor van belang.

Vervolgens kan er geëxperimenteerd worden met nieuwe manieren van inspraak in besluitvorming. Daarbij kun je aan van alles denken: besluitvorming door middel van loting, e-democracy of nieuwe lokale initiatieven als het Twentement.
Deze experimenten maken ons duidelijk welke vormen van inspraak werken en welke niet.
Zo kunnen we ons democratisch bestel nog beter laten functioneren.

Zo probeer ik met mijn laatste opdracht de gemeente Enschede toekomstbestendiger te maken op verschillende vlakken. Een ontzettend leuke klus. Mijn missie is om ervoor te zorgen dat het programma Goed Bestuur meer wordt dan een mooi beleidsstuk, maar dat we ook concrete resultaten gaan boeken de komende tijd. Zodat de gemeente Enschede over twee jaar nog beter bestuurd wordt dan nu!


Blog 18 december – Floor Herbrink

‘Rare jongens, die burgemeesters’

Leiders hebben altijd een grote invloed op degenen die ze aansturen. Mensen kijken naar leiders en nemen aan dat deze exemplarisch is voor de hele groep. Maar jullie weten net zo goed als ik dat iemand nooit een hele groep in al zijn facetten kan vertegenwoordigen. In onderstaand schema staan de vier leiderschapsstijlen van het burgemeesterschap. Bij al deze stijlen heb ik een voorbeeldbur-gemeester gevonden.

De ambtstermijn van Job Cohen, oud-burgemeester van Amsterdam, kenmerkt zich door zijn grote verbindende karakter. Onze procesregisseur is Wilma Mansveld, voormalig staatssecretaris van Infrastructuur en nu waarnemend burgemeester van de Friese gemeente Tytsjerksteradiel. De nieuw in Londen aangestelde Sadiq Khan is de grote aanjager van het geheel, met nieuwe plannen en vooruit-strevende visies. En de burgervader van Losser staat in de persoon van Michael Sijbom met de poten in de klei te netwerken.

blog-floor

Klik op de afbeelding voor een vergroting

Als ik Twentse burgemeester zou zijn voor één dag, wat zou ik dan doen? Mijn eerste reactie is dat ik de organisatie los zou laten, naar buiten zou gaan en –heel cliché, ik weet het- in gesprek zou gaan met de inwoners. Incognito (niemand zou toch weten dat ik vanochtend burgemeester ben ge-worden) zou ik die ene dag in aftandse eetcafeetjes gaan zitten, eventueel met taart en bordspel. Dan uitnodig ik mensen uit om te vertellen wat hen stoort of juist blijdschap schenkt in de gemeente. Waarschijnlijk vind je daar als burgemeester veel makkelijker de vrijheid voor dan als ambtenaar. Die ruimte zou ik meteen pakken. Als dan de conclusie uit de kleine rondgang komt dat inwoners behoef-te hebben aan meer inzicht in de gemeentelijke organisatie, kunnen we samen met bijvoorbeeld scho-len, ondernemers en bejaardentehuizen een groot gemeente-simulatiespel of meeloopdagen organise-ren. Inwoners het gevoel en de affirmatie geven dat de gemeente dichtbij is, staat hierin voor mij centraal.

Vertwijfeld speur ik het schema af. Mijn stijl als burgemeester lijkt me flexibel en extern gericht, wat me een discipel van de trotse Lossenaar Michael Sijbom maakt. Denk eens na, hoe zou jij je dag inrichten?

Floor Herbrink heeft voor haar tweede opdracht in Oldenzaal gewerkt aan het vluchtelingenbeleid.


Blog 21 november – Boudewijn Idema

Waar staat de gemeente als organisatie over 2 jaar?

Vanaf 1 januari 2015 hebben de Nederlandse gemeenten te maken gehad met drie grootschalige decentralisaties in het sociaal domein. Deze verruiming van het takenpakket heeft aanzienlijke gevolgen gehad voor de werkwijze van gemeentelijke organisaties.
Op 1 januari 2019 vindt er weer een grote verandering plaats voor de gemeenten in Nederland, maar dan in het ruimtelijk-fysieke domein. Op die datum treedt namelijk de Omgevingswet in werking. Over 2 jaar staan alle Nederlandse gemeenten dus aan de vooravond van een grote juridische en organisatorische omslag.

Deze wetswijziging biedt een aantal voordelen voor gebiedsontwikkeling in Nederland. Doordat meerdere planologische wetten worden samengevoegd, wordt het voor burgers en bedrijven duidelijker welke procedures van toepassing zijn bij ruimtelijke projecten.
Daarnaast wordt het voor gemeenten mogelijk soepeler om te gaan met bepaalde grensnormen die nieuwbouw tegenhouden. Gemeenten krijgen meer beleidsvrijheid om gemotiveerd een belangenafweging te maken die aansluit bij de lokale situatie. Dit is vooral nuttig in dichtbevolkte gebieden met intensieve bedrijvigheid, zoals rond de Rotterdamse haven.
Een ander voordeel van de Omgevingswet is de verkorting van beslistermijnen bij omgevingsvergunningen. Hierdoor worden particulieren en bedrijven beter gefaciliteerd bij gebiedsontwikkelingen en kan men sneller aan de slag.

Wat vooral interessant zal worden is het spanningsveld tussen flexibilisering en het rekening houden met ieders belangen. Veel huiseigenaren zullen blij zijn als zij vergunningsvrij een tuinhuis van 4 meter hoog tot aan de erfgrens mogen bouwen, maar dat wordt anders wanneer zo´n tuinhuis van de buurman het zonlicht tegenhoudt.
Ook heeft deregulering gevolgen voor de ruimtelijke kwaliteit. Een gemeente kan ervoor kiezen de welstandsregels af te schaffen, maar is het verstandig dat ook te doen bij een beschermd dorps- of stadsgezicht? Elke gemeente zal dit soort keuzes moeten maken samen met de gemeenschap. De Omgevingswet stelt namelijk een participatietraject verplicht bij grote ruimtelijke ontwikkelingen, hoewel veel gemeenten dit nu ook al doen. Het is van cruciaal belang hoe zo´n traject wordt vormgegeven. Wie zijn precies de belanghebbende partijen en hoe bereik je die? Hebben bewoners een zwaardere stem dan bedrijven of zit hier geen verschil tussen? Praktijkervaringen tonen aan dat het lastig is bepaalde groepen uit de samenleving te betrekken bij participatietrajecten. Er moet dus goed worden nagedacht over de capaciteit en het budget dat beschikbaar is om zoveel mogelijk belanghebbenden te bereiken.

Hoe de Omgevingswet exact zal uitwerken is nog deels onzeker. Hopelijk biedt de wetswijziging kansen voor een nóg aantrekkelijker Nederland, waarin wonen, werken, recreëren, mobiliteit en natuur op een evenwichtige manier de ruimte krijgen.

blog-november-2016-ii-boudewijn-idema

Klik op de afbeelding voor een vergroting


Blog 10 november – Yvette Engbers

blog-yvette

Klik op de afbeelding voor een vergroting

Yvette rondt momenteel haar onderzoek naar het samenspel tussen griffie, ambtelijke organisatie, raad en Almelose samenleving af bij gemeente Almelo.


Blog 1 november – Iris Boers

Het is weer herfst!

Gisteren viel het mij ineens op bladeren aan de bomen die van de ene op de andere dag ineens van groen naar rood verkleuren vanwege het jaargetijde, een bijzonder en mooi verschijnsel. Ik kan hier eigenlijk heel erg van genieten, maar ik sta te weinig stil bij hoe bijzonder dit is. Voordat ik het weet zijn de blaadjes gevallen van de bomen en verliezen ze de mooie herfstkleur en moet ik weer een jaar wachten.

Ik kan me over meer verschijnselen verwonderen, ook op het werk, bijvoorbeeld over het lage aantal jonge ambtenaren dat werkzaam is bij de gemeente. Het moge duidelijk zijn dat de economische crisis, de bezuinigingen op de overheid en daarmee vaak ook vacaturestops een grote oorzaak zijn van het lage aantal jonge ambtenaren. Echter, ondanks dat het in Nederland beter gaat met de economie, neemt het aantal jonge ambtenaren nauwelijks toe. Hoe komt dat? Hoe zouden we dit kunnen aanpakken? En wat kan ik hierin persoonlijk betekenen? Dat zijn vragen die dan door mijn hoofd spoken en waar ik als bestuurslid van het TJA netwerk ook mee bezig ben. Door mij hierover te blijven verwonderen en dit niet als ‘de norm’ te accepteren activeer ik mijzelf om hier iets aan te doen.

Als je een lange tijd werkzaam bent bij een gemeente kan het zijn dat je zaken die eigenlijk helemaal niet zo ‘normaal’ zijn wel als normaal gaat ervaren. Zo kijk ik niet meer op van beleidsnotities van meer dan honderd pagina’s en schiet ik bij het organiseren van bijeenkomsten soms snel in de gebruikelijke werkvormen als het gebruik van een flipover en post-its.

Hoe probeer ik dan toch fris te blijven, me te blijven verwonderen en te denken in out-of-the box oplossingen? Dit doe ik in ieder geval niet door geforceerd tientallen verschillende werkvormen toe te passen tijdens een bijeenkomst. Wel reserveer ik voor overleggen regelmatig een andere ruimte dan de gebruikelijke vergaderruimtes en zit ik soms op een andere werkplek. Al met kleine handelingen, die bij mij passen, probeer ik mezelf te blijven uitdagen.

omdenken-herfst
Klik op de afbeelding voor een vergroting

Nu bedoel ik met mijn verhaal niet dat alles moet veranderen. Ik daag iedereen uit om vanzelfsprekendheden eens met andere ogen te bekijken. Koester datgene wat je waardeert en pak de zaken aan waarvan je denkt dat het eigenlijk anders zou moeten kunnen.

P.S.: Nieuwsgierig naar meer methodes om fris te blijven, jezelf te blijven verwonderen en je creativiteit aan te wakkeren? Meld je dan snel aan voor de workshop die ik samen met twee andere trainees geef tijdens de Kracht en Talent week

De komende twee maanden rondt Iris haar opdracht af bij gemeente Oldenzaal waar zij als projectleider verantwoordelijk is voor de invoering van de omgevingswet. Hierbij ligt de nadruk voornamelijk op de gewenste rolverandering.


Blog 5 oktober – Patty Claassens

Waar staat de gemeente als organisatie over 2 jaar?

De maatschappij maakt een disruptieve tijd door – tijden veranderen niet alleen maar ze veranderen snel. De gemeenten zijn ook volop in ontwikkeling. Iedereen zoekt een antwoord op nieuwe rollen en nieuwe manieren. In twee jaar tijd kunnen inwoners en de gemeente stappen hebben gezet voor deze nieuwe omgang. Waar moeten we dan op inzetten? Waar moeten we op letten?

We moeten inzetten op wederzijdse verwachtingen. Gemeenten zijn huiverig voor het creëren van teleurgestelde burgers. Met de beste bedoelingen betrekt de gemeente de inwoners maar doordat verwachtingen van inwoners en gemeente vaak uit elkaar liggen, stellen we de inwoners teleur. Participatieprocessen die verkeerd uitpakken leiden echter ook tot teleurgestelde (en misschien zelfs gefrustreerde) ambtenaren – vol energie en met de beste bedoelingen proberen zij inwoners te bereiken maar die inzet vertaalt zich niet altijd in een hoge opkomst en waardevolle oplossingen. In twee jaar tijd kunnen we zoeken naar oplossingen waardoor de democratie voor iedereen een feestje is. Tijdig en proactief informeren zodat inwoners weten wanneer zij zich kunnen laten horen. Inwoners benaderen op manieren die hen aanspreken.

Een belangrijk speerpunt moet inclusiviteit zijn. Wij nodigen inwoners uit om mee te praten over het beleid van de gemeente. Tegelijkertijd zien we dat inwoners zich vaak pas laten horen wanneer het besluit al is gevallen. Na het Brexit-referendum gingen veel jongeren de straat op uit protest maar het opkomstpercentage van jongeren voor het referendum was minder dan 50%. Een speerpunt is dan ook inclusieve participatie. Ambtenaren, wethouders, griffies, gemeenteraden… we moeten ons allemaal inspannen om te zorgen dat verschillende geluiden worden gehoord in het besluitvormingsproces.

We kennen de type argumenten al langer – kiezers zijn niet slim genoeg, inwoners zijn onvoldoende betrokken. Tegelijkertijd bloeien de mooiste initiatieven in de maatschappij op, soms in de hoekjes die het minste aandacht hebben gekregen van de gemeente. Als wij daadwerkelijk de waarde zien van inwoners en de initiatieven die zij opstarten; als wij daadwerkelijk onze rol als gemeente innemen in het maatschappelijke netwerk; als wij daadwerkelijk kijken naar onze toegevoegde waarde – betekent dat niet dat waar inwoners niet zelf op de mogelijkheden afkomen, de gemeente ze moet verleiden en aanjagen? Over twee jaar willen burgers participeren en weet de gemeente initiatief te faciliteren.

loesje-burgerparticipatie
Klik op de afbeelding voor een vergroting

Voor Patty’s tweede opdracht faciliteert en inspireert zij de raadswerkgroep Stad & Bestuur, die zich inzet voor meer politieke participatie, en adviseert zij de burgemeester en de bestuurlijke driehoek op het gebied van goed bestuur bij de griffie van gemeente Enschede.


 

Blog 31 augustus – Nikki van Bart-Boekhoorn

Blog augustus 2016 - Nikki van Bart

Klik op de afbeelding voor een vergroting

Nikki voert haar tweede opdracht uit bij de gemeente Almelo. Ze houdt zich bezig met het proces “Herinrichten Subsidies Sociaal Domein 2017” – een herijking van subsidies in het sociaal domein. Daarnaast biedt ze ondersteuning bij projecten rondom communicatie, cliëntondersteuning, 18- aanpak en regie op gedwongen kader.


Blog 4 augustus – Komkommerblog

De straattaal van ambtenaren

Als kersverse ambtenaar kijk ik nog wel eens op van zaken die voor een doorgewinterde ambtenaar niet meer dan logisch zijn. Zo ga je niet simpelweg samenwerken maar ben je aan het ‘co-creëren’. Bij het oppakken van taken die je normaal niet doet treedt je buiten je ‘comfortzone’. En mensen die een project starten heten tegenwoordig ‘kwartiermakers’. Nu besef ik mijzelf dat een woordenboek voor buitenstaanders geen overbodige luxe zou zijn.

Over woordenboeken gesproken, in de Dikke van Dale kun je de ontwikkeling van de Nederlandse taal heel mooi volgen. Zo zijn pas geleden nog woorden als ‘doe-het-zelfkassa’, ‘hackaton’ en ‘groepsselfie’ opgenomen in het online woordenboek. Onder invloed van verschillende culturen, generaties en actualiteiten ontwikkelt een taal geleidelijk, straattaal is hier een goed voorbeeld van. Het creëert een sociale identiteit, een gevoel van saamhorigheid en gelijkheid.

Zo gek is het dus niet dat ‘wij’ ambtenaren er soms een apart woordgebruik op nahouden. Het gaat heel geleidelijk en voordat je het door hebt doe je ook mee. Ik zie inmiddels overal ‘haakjes’ (= aanknopingspunten), pak ‘laaghangend fruit’ (= makkelijke zaken eerst doen) en vlieg met een ‘tweetraps-racket’ (= twee stappen om doel te bereiken) door mijn projecten heen. Volg je me nog?

Komkommerblog
Klik op de afbeelding voor een vergroting

Gezien de vakantieperiode, houden we een pauze met de reguliere blogs maar hier wel onze komkommerblog, met dank aan trainee Iris Boers. Krijg je geen genoeg van deze jeukwoorden? Lees dan dit artikel.


Blog 19 juli – Alie Stegerman

Blog juli 2016 - Alie Stegerman
Klik op de afbeelding voor een vergroting

Het traineeship heeft voor mij gebracht dat ik veel geleerd heb van overheidsorganisaties, projectmatig werken en dat ik de kans heb gekregen om te werken in een prachtige en uitdagende omgeving.

Alie werkt bij het GBT aan twee verschillende projecten. Het eerste project gaat over informatiebeveiliging, waarbij zij de bewustwordingscampagne op zich neemt. Daarnaast werkt ze aan de evaluatie van het levensfasebewust personeelsbeleid.


Blog 5 juli – Lisette van Leemput

Lisette van leemput

Klik op de afbeelding voor een vergroting

Als ik een dag lang burgemeester zou zijn van Enschede…

Om te werken voor de gemeente waar je woont vind ik erg verfrissend. Ik werk voor het belang van mijn eigen stad en leefomgeving en dat geeft veel motivatie.

Soms loop ik rond door de stad en denk ik: goh, ik wou dat ik dit kon veranderen. Dat is natuurlijk makkelijker gezegd dan gedaan en zelfs als burgemeester kan je niet alles in één klap transformeren. Die veranderingen zijn allemaal verkapt in visies en beleidsdocumenten, en zijn uiteindelijk van zoveel meer factoren afhankelijk dan alleen de gemeente.

Maar toch…blijft het leuk om te dagdromen over de mogelijkheden. Hierbij een ideetje:
Als ik een dag lang burgemeester van Enschede zou zijn, zou ik een groot feest voor iedereen geven om de stad Enschede te vieren. Ik wil een stukje trots en waardigheid toevoegen aan de stad, want vaak vergeten we hoeveel leuks Enschede eigenlijk heeft. Ik zou het in het Volkspark houden en er een grote bring-and-share-picknick van maken: iedereen brengt wat te eten mee en deelt dat. Hierdoor maken we er een soort huiskamer van de stad waarbij op een laagdrempelige manier mensen hun stadsgenoten kunnen leren kennen. Ik zal ervoor zorgen door middel van een spel dat mensen niet met bekenden gaan zitten maar juist met anderen in aanraking komen.

Oja… en om toch nog een traditionele burgemeester te blijven: ik zou als afsluiting die dag een vestiging van de Universiteitsbieb in het centrum openen, om de binnenstad meer een studentenvibe te geven. Mét hip koffietentje erbij, want dat kunnen we wel hier gebruiken!

Lisette werkt voor gemeente Enschede aan het project smart cities dat probeert de stad slimmer te maken door betere oplossingen te bedenken op basis van de data die beschikbaar is. Hierbij bevordert zij de samenwerking met zustersteden Heidelberg en Palo Alto om op dit gebied vergelijkbare opgaven, zoals bijvoorbeeld rondom mobiliteit, aan te pakken.


Blog 30 juni – Lotte Koning

Blog juni 2016 - Lotte Koning

Klik op de afbeelding voor een vergroting

Lotte houdt zich bij gemeente Borne bezig met de uitwerking van het Borns model (als regisserende netwerkorganisatie) van ‘sturen met verbonden partijen’.


Blog 27 mei – Douwe Nijzink

Nog niet eens halverwege traineeship en nu al veel gebracht.

We zijn nog niet eens halverwege, maar het traineeship heeft mij nu al veel gebracht: grote opdrachten bij verschillende gemeenten, op maat gemaakte trainingen en cursussen, werkervaring en kennis, interessante nieuwe contacten en een fantastisch leuke groep trainees. Eigenlijk te veel om in één afbeelding te verwerken, maar ik heb toch een poging gewaagd…

Blog mei 2016 - Douwe Nijzink - afbeelding

Klik op de afbeelding voor een vergroting

Het tweede project voert Douwe uit bij gemeente Enschede. Hier gaat hij aan de slag met het optimalisatie- en transformatietraject rondom de inzet van jeugdhulp, in samenwerking met wijkteams, collega’s en externe partners.


 

 

Blog 24 maart – Yvette Engbers

Wat krijg ik voor elkaar
Voor mij en mijn (directe) werkomgeving staat buiten kijf dat een beroep wordt gedaan op ‘de trainee’ in alle collega’s. Iedereen wordt uitgedaagd om de ‘medewerker met frisse blik’ te zijn. In de dynamische en pionierende werkomgeving van de OZJT/Samen14, wordt bijna elke dag wel ergens tegenaan gelopen wat (totaal) anders kan of een ‘frisse blik’ vergt. Dit past binnen de ontwikkelingen waar we in werken: de transformatie van de zorg. Binnen het team, met de collega’s bij de gemeenten en samen met het veld, bevinden we ons in een proces waarin we zoeken naar een nieuwe manier van samenwerken en vormgeven van de zorg. Ik vind het daarom toepasselijk om de centrale vraag van deze blogs breder te trekken – dus: “Wat krijgen wíj voor elkaar?”

Sinds 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor het uitvoeren van de Wmo en de Jeugdhulp. Onder Samen14 is de samenwerking in de zorg tussen de Twentse gemeenten georganiseerd. In deze decentralisatie zijn al belangrijke stappen gemaakt. Mijn opdracht heeft met name te maken met deze (transformatie) stappen in de inkoop. Zo hebben we een creatieve sessie met aanbieders georganiseerd en drie Werkateliers waarin we samen met partners uit het sociaal domein hebben gekeken naar gewenste veranderingen in de inkoop. In het verloop van dit proces wordt steeds duidelijker dat de organisatie van de inkoop geen project maar een proces is. Een proces waar veel mee samenhangt, wat het ook complex maakt. Terwijl we het juist willen vereenvoudigen. Een bijdrage leveren aan de inkoop van Jeugdhulp en Wmo, is voor mij een opdracht waar ik ontzettend veel van geleerd heb.

Yvette rondt momenteel haar eerste opdracht af bij Regio Twente waar zij bij het team OZJT/Samen14 de dialoog tussen Twentse gemeenten op het gebied van zorginkoop heeft gefaciliteerd en zodoende bijdraagt aan de transformatie in de zorg.


Blog 9 maart – Lisette van Leemput

Undercover in gemeenteland
Door een aantal vakken in antropologie tijdens mijn Bachelor en het studeren in het buitenland, heb ik mijzelf aangeleerd als een soort antropoloog te werk te gaan wanneer ik in een nieuwe omgeving kom. Door deze ‘participant observation’-methode probeer ik zowel afstand te bewaren tot de leefomgeving – waardoor ik met een frisse blik kan waarnemen – als mij aan te passen – waardoor ik wordt geaccepteerd door de groep.

Werken als trainee leent zich uitstekend voor participant observation. Ons traineeship geeft ons uitdrukkelijk mee dat we de frisse blik moeten behouden, vragen moeten durven stellen of paden moeten bewandelen waar niemand in de organisatie nog op is gekomen. Op die manier voel ik mij soms als de antropoloog die aanmeert in het inheemse dorpje, zoals op de afbeelding. De bevolking – in mijn geval gemeenteambtenaren – werd door mijn komst bewust gemaakt van hun gebruiken en gedrag.

Sommige dingen vond ik zo opvallend, dat ik me soms afvroeg of medewerkers dat alleen maar deden om mij als nieuwkomer het authentieke gemeentegevoel te geven, net zoals in de afbeelding de bevolking wil overkomen zoals antropologen over hen denken.

Maar het observeren van gedrag en gebruiken maakt het werk als trainee juist zo interessant! Het afgelopen half jaar heb ik hopelijk af en toe een spiegel kunnen voorhouden en vernieuwende vragen durven stellen. En tot slot heb ik geleerd dat mijn aandeel niet alleen observeren is: we leren vooral heel veel van elkaar!

Afbeelding blog Lisette

Klik op de afbeelding voor een vergroting.

Bij de gemeente Borne helpt Lisette van Leemput mee aan het opzetten van een toeristisch platform en de profilering van het dorp naar toeristen. Hiervoor voert ze veel gesprekken met toeristische ondernemers, helpt ze mee met het opzetten van een marketing campagne en neemt ze de ambtelijke organisatie mee in deze ontwikkelingen.


Blog 1 maart – Nikki van Bart-Boekhoorn

Blog Trainees Twentse Kracht - Nikki van Bart-Boekhoorn februari II

Klik op de afbeelding voor een vergroting.

De gemeente Rijssen-Holten gaat wijkgericht werken. Nikki heeft hiervoor een plan van aanpak opgesteld. Nu de kaders vastliggen is ze bezig het communicatietraject op te zetten. Daarnaast houdt ze zich bezig met het herschrijven van het dienstverleningsconcept, het schrijven van (pers)berichten en begeleiding van diverse interne en externe communicatietrajecten.


Blog 12 februari – Boudewijn Idema

Blog Trainees Twentse Kracht - Boudewijn Idema februari

Klik op de afbeelding voor een vergroting.

Bij de gemeente Almelo maakt Boudewijn de economische strategie met een sterke nadruk op de profilering van de innovatieve sector. Hiervoor heeft hij bij bedrijven geïnventariseerd waar zij baat bij hebben. Hiervoor werkt hij de helft van de week bij de afdeling Communicatie, sector Bestuur & Organisatie, en de andere helft bij sector Stad & Economie.


Blog 25 januari – Floor Herbrink

Optimaal functioneren in je werk? Ideeën van Floor Herbrink

Als we ervan uitgaan dat plezier beleven in je werk maakt dat je er goed in bent, wat weerhoudt je er dan van om dat wat plezier in je werk in de weg staat, uit de weg te ruimen? Mijn overtuiging, als telg van self-made generatie Y, is dat je hier een eigen verantwoordelijkheid in hebt en daar creatief in mag zijn.

Eén van de belangrijkste factoren die mij plezier geven is mijn werkomgeving. Omgeving vormt de sfeer. Ik heb gemerkt dat de ruimte mijn creativiteit bepaalt en mijn vermogen om tot inventieve, ruimdenkende oplossingen te komen. Als mijn collega’s en ik vergaderen in een mottig hokje zonder ramen, zuigt dat alle levensvreugd al uit de geest voordat je überhaupt een stap in de desbetreffende ruimte hebt gezet. Mooie, frisse locaties geven lucht en energie. Opgefruitigd verlaat je de vergadering, vol nieuwe ideeën.

Hoe je werkplekken te spreiden? Ga flexwerken op een andere locatie in de stad. Bezoek de doelgroep waar je het allemaal voor doet en vraag of je daar kan werken: ben je bezig met ouderen? Verhuis je laptopje naar de kantine van een bejaardentehuis en accepteer met lede ogen de advocaatjes met slagroom die je aangeboden worden. Overdenk een vraagstuk niet aan je bureau maar tijdens een wandeling door het park. Lees lange verhandelingen in de lounge op de bovenste verdieping van het stadskantoor. Het klinkt alsof ik je motiveer om je collega’s zoveel mogelijk te vermijden. Niets is minder waar. Je zal niet 40 uur in de week in dat bejaardentehuis zitten. Neem je collega’s mee naar hippe vergaderruimtes die het groepsgevoel vergroten. Het helpt al heel erg om bilateraaltjes te verschuiven naar een nabijgelegen café.

Ik zou zelf wel een externe vergaderruimte willen bouwen, wanneer ik genoeg geld heb. Sinds een aantal maanden -nee wacht, het begin van het traineeship – speel ik met die gedachte. Je koopt een stuk land (persoonlijk vergader ik het liefste in een bos) en bouwt een blokhut of boomhut. Met keukentje, zachte stoelen en wifi: laat de inspiratie maar stromen.

Want zeg nou zelf, waar zit je liever?

bureau Of Blog Floor

Floor werkt bij de gemeente Enschede aan haar project op het gebied van jeugdzorg. Zij werkt aan een plan van aanpak op het gebied van de verbetering van verwijzingen voor jeugdzorgpatiënten. Daarnaast organiseert zij vanuit het PEP-team en de Plezier-als-Keuze-groep activiteiten voor collega’s die inspireren en activeren.


Blog 6 januari – Patty Claassens

Als kind en tiener trad ik vaak op met mijn dansschool. Ik vond het heerlijk om te dansen, leuk om op het podium te stralen maar de meest magische plek was voor mij de coulissen. Dat was de plek waar mijn danslerares soms nog kleine aanwijzingen gaf, waar we vol adrenaline en zenuwen stonden te wachten tot we op mochten en weer afgingen zodra het klaar was – hoe het ook was gegaan.

In mijn rol als projectteamlid bij het ABEL-project, een samenwerkingsverband tussen Almelo, Borne, Enschede en Losser op het gebied van bedrijfsvoering, ben ik mijn danslerares in de coulissen. Ik ondersteun vijf van de negen werkgroepen die ieder op een verschillende manier en in een verschillende samenstelling aan de slag zijn om de samenwerking te laten slagen. Bij deze rol zijn drie elementen voor mij van belang om dit project te laten slagen.

Deze werkwijze vraagt om flexibiliteit. Iedere werkgroep vraagt een andere benadering. Bij de ene werkgroep ben ik sterk betrokken en aanwezig bij alle overleggen. Bij de andere werkgroep houden de werkgroeptrekker en ik elkaar op de hoogte van de ontwikkelingen. Ik pas mijn rol aan, aan de behoefte van de werkgroep zoals je ook op verschillende muziek verschillend danst.

Een belangrijke toevoeging van mij aan het proces is het contact dat ik onderhoud met niet alleen de werkgroepen maar ook met collega’s binnen de verschillende gemeenten. Bij intergemeentelijke samenwerking is een belangrijk onderdeel het vertrouwen en het tegengaan van ‘onbekend maakt onbemind’. In het kader van dit contact juich ik initiatieven zoals ‘Jouw Baan, Mijn Baan’ toe.

De afgelopen vier maanden leer ik ook veel over het benutten van enthousiasme. Bij werkgroepen waar energie zit, kan ik een vliegwiel zijn. Teveel energie steken in een werkgroep die niet klaar is voor samenwerking kan echter ook averechts werken.

Of ik het voor elkaar krijg? Dat zal blijken in mei, juni en de rest van 2016 als ik niet meer op het project zit maar ik hoop dat het project zonder mij tot bloei komt. En net als mijn danslerares kan ik het soms niet laten om ook zelf even te schitteren op het podium.

Foto Blog

Klik op de afbeelding voor een vergroting.

Als lid van het projectteam ABEL, het samenwerkingsverband tussen Almelo, Borne, Enschede en Losser op het gebied van bedrijfsvoering, adviseert Patty de regiegroep en ondersteunt zij de werkgroepen. Vanuit die rol volgt zij ook de ontwikkeling rondom het Twentebedrijf. Daarnaast zet zij zich in voor de organisatieontwikkeling van de gemeente Almelo.


Blog 14 december – Douwe Nijzink

December, de maand van de laatste loodjes,
maar ook van familie en mooie cadeautjes.
Speciaal voor Sinterkerst deze blog in poëzie,
centraal staat de vraag; wat krijg ik gedaan als trainee?

In Losser begonnen, zo’n drie maand geleden,
een landelijke gemeente met een boeiend verleden.
Bekend om de Dinkel en de mooie natuur,
maar ook om de Johma en de rijke cultuur.

Mijn opdracht bij deze organisatie,
is gericht op toerisme en dagrecreatie.
Aan mij de taak een plan op te stellen,
met concrete acties om groei te versnellen.

Mooie gesprekken met allerlei mensen,
met eigen belangen, zorgen en wensen.
Partijen bewegen om samen te werken,
om zo toerisme meer te versterken.

Maar hoe krijgt dit plan een kans van slagen?
Hoe wordt de inhoud door allen gedragen?
Wanneer is deze opdracht succesvol voldaan?
Hoe krijg ik dit als trainee toch gedaan?

Een belangrijke stap is de realisatie,
dat het een kwestie is van participatie.
Ook al heeft ieder zijn eigen positie,
ze delen met elkaar dezelfde ambitie.

Dus, de komende tijd is ’t een van mijn taken
van gedeelde ambities waarheid te maken.
Afstemmen, schrijven en faciliteren,
gezamenlijke bijeenkomsten organiseren.

Intern en extern, ga ik er hard tegenaan,
zodat alle neuzen dezelfde kant op gaan staan.
Hopelijk zeggen ze dan over een jaar,
dat kreeg die trainee toch mooi voor elkaar.

Douwe werkt voor zijn eerste opdracht aan het opstellen van een actieprogramma op het gebied van Toerisme en Recreatie bij de gemeente Losser. De eerste gezamenlijke bijeenkomst met belanghebbenden staat in de planning.


Blog 2 december – Lotte Koning

Wat krijg ik voor elkaar?

Begin september ben ik als trainee aan de slag gegaan bij het Gemeentelijk Belastingkantoor Twente. Als psycholoog en filosoof was de wereld van de gemeentelijke belastingen onbekend terrein. Spannend! Na bijna 3 maanden kan ik wel zeggen dat het verrassend leuk en interessant is om te werken bij het GBT.

Het GBT int de belastingen van een groeiend aantal gemeenten in de regio Twente. De manier waarop; daar ligt de uitdaging. Hoe geef je de organisatie vorm en hoe richt je het proces in? Bij het GBT staat de klant centraal, en tegelijk streven zij naar een optimaal bedrijfsproces. Mede hierdoor vinden steeds meer gemeenten de weg naar het GBT.

Om de grootte van de organisatie goed aan te laten sluiten bij het primaire proces, is twee jaar geleden een organisatieveranderingstraject gestart. Ik mag nu meedenken over het vervolgtraject, heel interessant! Het GBT loopt in de regio voorop als het gaat om de invoering van het Rijnlands model, wat draait om het begrip zelfregulering. Voor de medewerkers betekent dit dat ze soms een stapje buiten hun comfort zone moeten zetten.

Voor mij betekent deze uitdaging bij het GBT ook een stap buiten mijn comfort zone. Aan het werk in een nieuwe organisatie; de wereld van de gemeentelijke belastingen leren kennen; uit de studieboeken en naar de praktijk! Dit brengt veel uitdagingen met zich mee. Elke keer een stapje buiten m’n comfort zone zetten is soms best lastig, maar vooral ook heel leuk en leerzaam.

Hoe vaak zet jij een stapje buiten je comfort zone?

Durf te dromen!

Lotte voert haar eerste opdracht uit bij het Gemeentelijke Belastingkantoor Twente. Hier adviseert zij de organisatie in het kader van organisatieontwikkeling op het gebied van zelfregulerende teams en gespreide aanslagoplegging.


Blog 16 november – Job Kantelberg

Een Twentse gemeente: je zal er maar werken!

Op feesten en partijen doet het ambtenaarschap, vooral voor gemeenteambtenaren, het onveranderd belabberd. “Jíj bij een gemeente? Dat biedt toch geen enkele uitdaging? Wat kun je daar nou bereiken?” Familieleden, vrienden en kennissen, vaak werkzaam in het bedrijfsleven of bij een provincie of ministerie, verbazen zich soms openlijk over mijn keuze om aan de slag te gaan voor een gemeente. Want waarom zou je zo’n stoffige bureauambtenaar willen worden die de hele dag (rode) stempels op dakkapelvergunningen zet? Of tot in den treure wil reguleren in welke hoek de stoeptegels in de binnenstad liggen middels een vuistdik APV? Vaak volgt al snel een anecdote over luie ambtenaren, in de trant van “waarom kijken ambtenaren thuis nooit uit het raam – dan hebben ze op hun werk niks meer te doen”. Al na twee maanden ambtenaarschap begint dit enigszins te vervelen.

Er zijn overal stoffige functies te vinden. Maar juist binnen de gemeente kun je meekrijgen wat er daadwerkelijk op straat gebeurt. Geen enkele bestuurslaag staat zo stevig in de samenleving. Geen van mijn vrienden die in Den Haag zijn beland hebben ooit een inspraakavond georganiseerd; met burgers heeft men überhaupt nooit van doen. Bij de provincie beperkt het burgercontact zich maar al te vaak tot het behandelen van particuliere subsidieaanvragen. Wat is er nou stoffiger; bezig zijn met het opstellen van kaderstellende nota’s of bezig met het in de praktijk verbeteren van een wijk samen met enthousiaste bewoners?

De gemeente heeft er de laatste jaren steeds meer taken bijgekregen, en is vandaag de dag zonder twijfel een van de meest relevante bestuurslagen. Sinds de decentralisaties in het sociaal domein worden burgers meer dan ooit beïnvloed door de beslissingen die de gemeente neemt. De snelle veranderingen in de samenleving – waar naast de decentralisaties ook de shift naar minder overheid, meer samenleving toe gerekend kan worden – zorgen ervoor dat de gemeente steeds meer buiten de gebaande paden moet gaan. Weinig bedrijven opereren in zo’n complexe omgeving, of moeten zoveel experimenteren. Dit maakt werken voor een gemeente interessant en uitdagend.

Binnen het Traineeship Twentse Overheid krijgen we de unieke mogelijkheid in de keuken te kijken bij de gemeentes in Twente. Het beeld van stoffige, uit het raam starende bureauambtenaren verdween bij mij al na korte tijd als sneeuw voor de zon. Binnen gemeentes wordt hard gewerkt aan oplossingen voor uitdagingen waar de samenleving voor staat. En daar dragen wij, de trainees, graag ons steentje aan bij!

Job Kantelberg is bij gemeente Almelo aan de slag met het project ‘Huis van de Stad’ waar wordt gekeken naar een bredere inzet van het nieuwe Stadhuis. Daarnaast is hij bezig met het project subsidieherijking 2017. Hij zet hierbij de eerste stappen naar een nieuwe verdeling van subsidies en onderzoekt de huidige situatie. Voor beide opdrachten is zijn blik sterk gericht op de stad.


Blog 26 oktober – Iris Boers

Beste lezer,

Waar ben jij op dit moment mee bezig in je werk….?

Deze vraag wordt mij als trainee van de Regio Twente regelmatig gesteld. Hoe ga ik al die gedachten en taken, waar ik mee bezig ben, omzetten in een leesbaar verhaal waar andere mensen ook nog iets van begrijpen? En dan vragen de mensen om ons heen ook nog om die frisse blik en vernieuwende ideeën. Een flinke taak vind ik!

Als ik mijn gedachten wil ordenen schrijf ik ze op, dus waarom zou ik dat nu ook niet doen? Hieronder daarom mijn antwoord op de vraag waar ik op dit moment mee bezig ben in mijn werk, in de vorm van een Wordcloud. Een Wordcloud is een handige manier om verschillende woorden te ordenen naar mate van belangrijkheid.

wordle

Klik op de afbeelding voor een vergroting.

Sommige woorden vragen wellicht toch nog om enige toelichting: • Omgevingsvisie, woonvisie, omgevingswet, woningwet: Dit is in de notendop waar ik mij nu mee bezig houd tijdens mijn eerste traineeopdracht. • In ’t veld dagen: Samen met twee andere trainees organiseer ik een aantal dagen waarop we een bezoek gaan brengen aan een bedrijf dat veel doet voor Twente om kennis met elkaar te delen. • Fietsen: Ik probeer iedere dag op mijn fiets naar Hengelo te gaan (als het niet regent!). • Taarten bakken: Een hobby waar mijn collega’s wel blij mee zijn! • Uitblinkers, frisse blik: Begrippen die vaak in dezelfde zin worden genoemd als trainees van de Regio Twente. Dit brengt enige druk met zich mee maar zeker ook leuke uitdagingen!

Ik denk dat ik hiermee wel een inkijkje heb gegeven in waar ik mij op dit moment mee bezig houd. Als mij deze vraag over een maand nog eens zal worden gesteld zal ik waarschijnlijk een heel andere Wordcloud hebben samengesteld, maar dat is nu juist het leuke aan een trainee zijn, geen enkele maand/week/dag is hetzelfde!

Iris Boers haar eerste opdracht, bij de gemeente Hengelo, staat in het kader van het opstellen van de woonvisie samen met de gemeente Borne. De nieuwe wetgeving rondom wonen en omgeving vraagt om een meer integrale aanpak wat deze opdracht zeer uitdagend maakt.


Blog 12 oktober – Alie Stegerman

blog alie stegerman

Klik op de afbeelding voor een vergroting.

Alie Stegerman haar eerst opdracht is de begeleiding van het verstandigingsproces van de afdeling Onderhoud Enschede bij de gemeente Enschede. Om de afdeling te leren kennen schuift zij bij allerlei overleggen aan en heeft ze meegelopen met een onderzoek naar de kwaliteit van het machinaal vegen. Verder worden gedurende de eerste periode van haar opdracht verschillende stappen in de besluitvorming doorlopen, wat een inkijk geeft in hoe dit soort processen werken bij een gemeentelijke organisatie.


Onze website maakt gebruik van cookies. Klik hier voor informatie over ons cookiebeleid en privacy statement. Accepteer om toestemming te geven voor het plaatsen van cookies.Accepteer cookies